In this article
Veel mensen sporten jarenlang zonder ooit een wedstrijd te doen. Dat is prima. Maar wie het een keer probeert, merkt vaak dat een wedstrijd iets toevoegt wat een gewone training niet heeft: een datum om naartoe te werken, een beetje spanning en de sfeer van een dag waarop iedereen om dezelfde reden is gekomen.
En nee, je hoeft niet snel of goed te zijn. Bij recreatieve loopjes en toernooien doen veel mensen mee om het meedoen, niet om te winnen.
Waarom zou je meedoen?
Een paar redenen die mensen vaak noemen:
- Een doel in de agenda helpt om regelmatig te trainen.
- Je ziet wat al die trainingen hebben opgeleverd.
- Je leert je sport van een andere kant kennen: met regels, scheidsrechters en tegenstanders die je nog niet kent.
- Het is gewoon een leuke dag, zeker samen met vrienden of clubgenoten.
Er zijn ook redenen om het (nog) niet te doen. Krijg je vooral stress van presteren, of sport je juist om tot rust te komen, dan hoef je jezelf niets te bewijzen. Een wedstrijd is een optie, geen verplichting.
Wat voor wedstrijden zijn er?
Loopjes en andere evenementen
De laagdrempeligste start is vaak een loopje. In veel plaatsen wordt jaarlijks een loopevenement georganiseerd, met afstanden van een paar kilometer tot een halve marathon of langer. Daarnaast zijn er fietstochten, zwemtochten in open water, obstacle runs en recreatieve triathlons over korte afstanden. Bij veel van deze evenementen schrijf je je los in, zonder lid te zijn van een club.
Toernooien
Bij racketsporten zoals tennis, padel, badminton en squash zijn toernooien een gebruikelijke manier om tegen anderen te spelen. Er zijn clubtoernooien, open toernooien en toernooien voor beginners of lagere niveaus. Vaak speel je eerst in een poule, zodat je meer dan één wedstrijd speelt, ook als je de eerste verliest.
Competitie bij een vereniging
Bij teamsporten zoals voetbal, hockey, korfbal, volleybal en handbal speel je meestal competitie via je vereniging. Dan gaat het niet om één losse wedstrijd, maar om een heel seizoen met een vast team. Veel verenigingen hebben recreatieve teams waar meedoen belangrijker is dan winnen. Ook bij individuele sporten zoals judo en atletiek organiseren clubs wedstrijden voor verschillende niveaus.
Kies een geschikte eerste wedstrijd
Voor een eerste keer werkt het goed als de wedstrijd aan een paar voorwaarden voldoet.
- Een afstand of niveau dat je al aankunt. Kies een afstand die je in training al (bijna) haalt, of een toernooi in de laagste categorie. Je eerste wedstrijd is niet het moment voor een grote sprong.
- Genoeg voorbereidingstijd. Een paar maanden vooruit plannen geeft rust.
- Dicht bij huis. Geen lange reis en geen overnachting. Dat scheelt gedoe en zenuwen.
- Een ontspannen sfeer. Let op woorden als "recreatief", "beginners" of "funrun". Vraag bij je club welke wedstrijden geschikt zijn voor nieuwkomers.
- Samen. Met een vriend, collega of trainingsgroep is het een stuk leuker en minder spannend.
Hardlopen is voor veel mensen de eerste stap. Hoe je opbouwt naar je eerste afstand, lees je in beginnen met hardlopen. Speel je een racketsport, dan is je vereniging vaak de makkelijkste ingang voor interne toernooien en competitie, zoals ook in padel: zo begin je staat beschreven.
Inschrijven: let op de kleine lettertjes
Schrijf je op tijd in. Populaire evenementen kunnen ruim van tevoren vol zitten. Bij kleine loopjes kun je je soms nog op de dag zelf inschrijven, maar reken daar niet op.
Let bij het inschrijven op deze punten:
- Inschrijfgeld. Dat verschilt sterk. Een klein loopje of clubtoernooi kost vaak niet meer dan een paar tientjes, grote evenementen en lange afstanden zijn duurder. Kijk ook wat erbij zit, zoals een shirt, medaille of tijdregistratie.
- Voorwaarden. Voor sommige wedstrijden moet je lid zijn van een vereniging of bond, of heb je een licentie nodig. Voor veel recreatieve evenementen niet. Dat staat in de informatie van de organisatie.
- Annuleren. Krijg je je geld terug, of kun je je startbewijs overdragen als je ziek wordt? Bij veel evenementen kan dat niet of maar beperkt.
- Startvak of niveau. Bij grotere loopjes geef je soms een verwachte eindtijd op, zodat je in het juiste startvak komt. Bij toernooien kies je een niveau of speelsterkte. Wees eerlijk: veel te hoog inschrijven is voor niemand leuk.
- Praktische zaken. Hoe laat moet je er zijn, waar haal je je startnummer op, waar kun je parkeren of je fiets kwijt?
De laatste week ervoor
De belangrijkste regel voor de laatste dagen: niets nieuws. Geen nieuwe schoenen, geen kleding die je nog nooit hebt gedragen, geen onbekend ontbijt. Wat in training goed werkte, werkt op de dag zelf ook.
Train de laatste dagen wat rustiger. Fitter word je in die paar dagen niet meer, en je wilt uitgerust aan de start staan. Slaap je de nacht vlak voor de wedstrijd slecht van de spanning? Dat overkomt veel mensen en is meestal geen ramp, zeker niet als je de nachten ervoor goed hebt geslapen.
Leg de avond ervoor alles klaar:
- sportkleding die je al eens hebt gedragen, passend bij de weersverwachting;
- je vertrouwde schoenen;
- je startnummer met spelden, of je inschrijfbevestiging;
- racket, ballen, bitje of ander materiaal;
- water en iets kleins te eten;
- droge, warme kleding voor na afloop;
- je telefoon en een pinpas.
Wat je het best kunt eten en drinken voor en na een inspanning, lees je in eten en drinken rond het sporten.
Op de dag zelf
Kom ruim op tijd. Bij een eerste wedstrijd weet je nog niet hoe alles werkt, en juist die onzekerheid geeft stress. Met een uur speling kun je je startnummer ophalen, naar de wc, je spullen wegbrengen en rustig rondkijken.
Doe een korte warming-up, net als bij een training. Bij een loopje kun je als beginner het best wat achteraan of in het midden van je startvak gaan staan. Dan word je niet meegesleurd door snelle lopers. Te hard van start gaan is de bekendste beginnersfout: door de spanning en de drukte loop je de eerste kilometer sneller dan je gewend bent, en dat merk je later in de wedstrijd.
Bij een toernooi of competitiewedstrijd stel je je even voor aan je tegenstander of medespelers. Vraag naar de regels als je iets niet zeker weet. Bij recreatieve toernooien tellen spelers vaak zelf de punten, dus sportief gedrag is belangrijker dan een punt meer of minder.
Drink voldoende als het warm is, maar overdrijf het ook niet. Voel je je onwel, word je duizelig of krijg je pijn op de borst, stop dan en meld je bij de EHBO of de organisatie. Een wedstrijd uitlopen is nooit belangrijker dan je gezondheid.
Zenuwen horen erbij
Gespannen zijn voor een eerste wedstrijd is heel gewoon. Ook ervaren sporters hebben het. Wat helpt:
- Stel jezelf een haalbaar doel, zoals "uitlopen" of "elke wedstrijd met plezier spelen", in plaats van een tijd die alleen lukt als alles meezit.
- Bedenk dat de meeste mensen om je heen vooral met zichzelf bezig zijn.
- Richt je op wat je wel in de hand hebt: je voorbereiding, je tempo, het volgende punt.
Na afloop
Neem de tijd om bij te komen, iets te drinken en droge kleren aan te trekken. Een rustige wandeling of fietstocht de dag erna voelt vaak beter dan stil op de bank zitten. Plan na een zware inspanning een paar rustige dagen voordat je weer hard traint.
Kijk daarna even terug. Wat ging goed, wat zou je de volgende keer anders doen? Veel mensen willen na hun eerste wedstrijd meteen de volgende plannen. Zoek je daarna een grotere uitdaging, dan is een korte triathlon een mooie stap. Meer daarover in je eerste triathlon.
Een wedstrijd vinden
Bij de evenementen op Sportloc kun je zien welke sportevenementen er in de buurt zijn. Ben je lid van een club, vraag dan ook daar naar toernooien en competitie. Nog geen club? Via het aanbod vind je verenigingen en aanbieders bij jou in de buurt. Daar weten ze meestal ook welke wedstrijden geschikt zijn voor beginners.


